Werkendam - De Vrouwenhemel
Werkendam, het dorp aan de Boven-Merwede waar het volk leefde van de rivier.
Na de Sint Elisabethsvloed in 1421 is het dorp omgeven door water en het duurt zeker nog drie tot vier eeuwen voor, de landaanwinning in de Biesbosch, de kiem gelegd wordt voor het werken in de grienden. Tenen en twijgen van wilgenhout vinden een groot afzetgebied. Ook worden aannemers door deze landaanwinning al snel specialisten in de waterbouw. Hiermee wordt aan het einde van de 18e en het begin van de 19e eeuw flink geld verdiend. Werkendam bouwt er een wereldnaam op het terrein van waterwerken mee op. De aannemers verwerven de spotnaam 'griendbaronnen' en laten in de 19e eeuw statige herenhuizen bouwen op het hoogste en droogste deel van het dorp: de Hoogstraat.
In schril contrast met de 'griendbaronnen' staan de 'grienduilen', ofwel, de griendwerkers. Elke maandag trekken ze met bootjes de Biesbosch in. Na een week verblijf in schamele griendketen keren ze op vrijdag of zaterdag huiswaarts. Meestal wordt door stukloon gewerkt en zo kan het gebeuren dat ze na een week van storm en hoogwater zonder verdiensten thuiskomen.
De vrouwen gaan niet mee naar de Biesbosch. Zij blijven in het dorp en daardoor kreeg Werkendam de bijnaam 'Vrouwenhemel'.
De griendwerkers woonden voornamelijk in het laaggelegen wijkje Zevenhuizen, van oorsprong een industriewijkje, omgeven door water. De grote gezinnen huizen er in kleine woningen; vaak rug aan rug gebouwd langs de smalle stegen. Armoede is hun dagelijkse levensgezel en het water heeft grote invloed op het leven van alledag door de kans op overstromingen.
Veel uit het verleden van Werkendam is verloren gegaan. Verdwenen is het vele water in en om het dorp. De wijk Zevenhuizen is gelukkig behouden gebleven en ook de Hoogstraat heeft nog veel moois te bieden. Statige herenhuizen herinneren aan de tijd van weleer... toen armoe troef was, maar de vrouwen zich in de hemel waanden.

Vorige: Tempeliers in Aalburg

